Paardrijden

In deze serie breng ik onderdelen onder de aandacht die nodig zijn voor een logische opleiding van paard en ruiter. Deze artikelen, zie ze als een werkschrift, dienen voor begripsvorming en ter ondersteuning van de rijlessen.

Hoe kun je deze artikelen lezen? De oorsprong van kennis is van belang voor een dieper begrip, en je eigen kennis te ontwikkelen. Om deze reden vind je in de teksten citaten van auteurs die mij hebben beïnvloed. Met de aanvulling geef ik mijn nuanceringen aan.

Ik ben van opvatting dat de houding en zit van de ruiter voor springen, terreinrijden, dressuur en wandelritten in grondbeginsels hetzelfde is. Verschillen zijn zichtbaar in de lengte van de beugelriemen, de beenligging én de positie van de romp vergeleken met de verticaal. Springen en terreinrijden vragen voor het balanceren van de romp van de ruiter kortere beugelriemen dan voor het rijden van dressuur en wandelritten. Met kortere stijgbeugelriemen vindt de ruiter meer steun in de beugels, de binnenzijde van de bovenbenen liggen steviger tegen het zadel, het zitvlak van de ruiter kan de rug van het paard makkelijk ontlasten en de romp van de ruiter krijgt meer bewegingsvrijheid. Met langere beugelriemen moet de ruiter voor zijn balans meer vertrouwen op zijn zitvlak zijn benen hebben meer vrijheid voor het geven van kuithulpen en zijn romp wijkt weinig van de verticaal af, dit om te voorkomen dat de balans verstoort raakt.

Beugelriemen dienen als steun voor de benen van de ruiter. En voor het verkrijgen van een optimale positie van de kuiten ten opzichte van de ronding van de buik, de kuiten moeten in lichte aanraking met de haren van de buik van het paard zijn. Paarden kunnen namelijk de aanraking van de haren voelen. Want rondom de haarfollikel bevinden vrije zenuwuiteinden, waardoor het paard de kleinste verandering in druk kan voelen. Met resultaat dat de kleinste kuitsignalen direct door het paard worden opgemerkt. Het is hierom dus voor de ruiter een must om precies te voelen waar zijn kuiten ten opzichte van de ronding van de buik zijn. Als de ruiter deze vaardigheid heeft verworven dan zijn de drijvende hulpen effectiever en eenduidiger voor het paard.

Voorkom verkramping: tijdens het rijden is het van belang om bij het optreden van spanning het paard de hals te laten strekken. Regelmatig halsstrekken voorkomt dus verkramping van het paardenlichaam. Een verkrampt paardenlichaam kan niet in evenwicht zijn. Een ontspannen lichaam wel, omdat alle lichaamsdelen dan optimaal kunnen bijdragen aan het in evenwicht brengen van het paardenlichaam. Wat is halsstrekken? Het is een beweging waarbij het paard de mogelijkheid krijgt om het hoofd neerwaarts te bewegen, tijdens deze beweging treed er ontspanning van het lichaam op. Het is een beweging waarbij er kortstondig geen contact tussen de handen en het paardenhoofd is. Tijdens het halsstrekken zijn de teugels lang en hangen iets door zodat het paardenhoofd voorwaarts neerwaarts kan bewegen.